De prachtige echo die Orgelman is

0
204

Twee jaar geleden ontving Mark Schaevers de Boekenuil voor Orgelman, een literaire vertelling over het leven en werk van de joodse schilder Felix Nussbaum. Terecht, als je het ons vraagt.

Het lijkt soms enorm willekeurig, waarom de werken van de ene kunstenaar tot grote meesterwerken bekroond worden, en die van de andere jarenlang ergens in kelders en zolderkamers liggen te rotten zonder dat iemand ernaar omkijkt.

Als opkomend schilder in het interbellum werd hij uit zijn Duits vaderland verdreven, eerst naar Italië, waar een tweede schrikbewind hem te wachten stond, en dan naar België, dat vanaf 1940 bezet werd.

Felix Nussbaum wordt nu wel bij de grootste joodse schilders van zijn tijd gerekend, maar het was pas twintig jaar na zijn dood dat zijn schilderijen – per toeval – herontdekt werden. Het heeft waarschijnlijk vooral te maken met de meedogenloze willekeur van zijn tijd. Als opkomend schilder in het interbellum werd hij uit zijn Duits vaderland verdreven, eerst naar Italië, waar een tweede schrikbewind hem te wachten stond, en dan naar België, dat vanaf 1940 bezet werd. Hij kwam kortstondig in een kamp nabij Perpignan terecht, maar wist daar te ontsnappen. Tijdens het merendeel van de oorlogsjaren dook hij onder in Brussel, samen met zijn Pools-joodse vrouw, Felka Platek, eveneens schilder. Maar dan sloeg het noodlot opnieuw toe en kwamen ze op de allerlaatste trein naar Auschwitz terecht.

Deze ontknoping torent als een donkere wolk over het verhaal dat desondanks vrolijk van de ene anekdote naar de andere kabbelt. Als lezer krijg je niet alleen inzicht in het leven van Nussbaum en Platek, maar ook in dat van tal van andere kunstenaars: James Ensor, bijvoorbeeld, en Arno Breker, die voor de nazi’s beeldhouwwerken maakte.

Liefde en perceptie

Om de zoveel pagina’s trakteert Schaevers ons op afbeeldingen van schilderijen van Nussbaum die hij naadloos in zijn verhaal opneemt en bespreekt. Dat laatste doet hij met zoveel liefde en perceptie dat het op het einde van de rit serieus kriebelt om naar het Nussbaum-museum in Osnabrück te gaan.

De schilderijen bevatten zoveel verwijzingen en herhalingen dat ze zich als puzzels laten lezen.

Heerlijk dat niets in de schilderijen van de joodse schilder toevallig is. Ze bevatten zoveel verwijzingen en herhalingen dat ze zich als puzzels laten lezen. Ironische puzzels dan wel, want de subtiele humor in de schilderijen – zelfs in die op het allereinde – valt niet te ontkennen. De term ‘bitterzoet’ was nog nooit zo toepasselijk.

Meer nog dan tot kunstcriticus ontpopt Schaevers zich tot diepgravend onderzoeksjournalist. De balans tussen de schrijver en het verhaal zit perfect. Hij legt zijn onderzoek bloot, maar blijft verder grotendeels op de achtergrond, als een verstokte Nussbaumfanaat die toch vooral observator wil blijven.

Draaiorgel

Voor wie Nussbaums kunst niet kent, duurt het een tijdje vooraleer de titel duidelijk wordt. ‘Orgelman’ verwijst blijkbaar naar het mannetje aan het draaiorgel dat zo vaak in zijn werk aan bod komt. Waarom altijd weer die orgelman?, vraagt Schaevers zich af halverwege het boek. Hij kan staan voor de melancholie die een draaiorgel met zijn eeuwig herhaalde deuntjes al gauw opwerkt. Hij doet ook denken aan een wandelende jood, zoals Nussbaum zelf er een is. Of is de orgelman vooral de kunstenaar op zoek naar een echo in een tijd waarin die zo moeilijk te vinden is?

Dat de echo van Nussbaum op een prachtige manier weerklinkt in het werk van Schaevers staat als een paal boven water.

Waarvoor het orgelmannetje precies staat, zullen we misschien nooit weten. Maar dat de echo van Nussbaum op een prachtige manier weerklinkt in het werk van Schaevers staat als een paal boven water.
cover orgelman

Mark Schaevers, Orgelman. Felix Nussbaum, een schildersleven, De Bezige Bij, 2014, ISBN 9789023498629

Tekst: Julie Putseys
 

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here